Sukkel

Een van de leiders van de extreemrechtse Hongaarse partij Jobbik, de Europarlementariër Csanad Szegedi die bekendstaat om zijn antisemitische uitlatingen, is zelf joods, zo bleek onlangs. Zijn beide ouders waren joods en zijn grootmoeder was een bekende Hongaarse jodin die de Holocaust overleefde. Het nieuws over Szegedi’s joodse afkomst veroorzaakte in Hongarije vooral hilariteit. Ik heb er persoonlijk een half uur de slappe lach van gehad. Je kunt als publiek persoon op verschillende manieren voor lul komen te staan. Bill Clinton ontkende categorisch zijn sigaar in Monica Lewinsky’s doosje te hebben opgeborgen, George Bush Jr. vergat een openstaande microfoon en noemde een der aanwezige journalisten een first class asshole en onze eigen raspoliticus John Leerdam ging bloedserieus in op vragen over de verzonnen ‘straatterrorist’ Jael Jablabla. Kan allemaal gebeuren. Bij de domste het eerst, maar niettemin, het kan gebeuren. De zaak-Szegedi is echter van een heel andere orde. Sta je jaren op een zeepkist te roepen dat alle joden addergebroed zijn, ben je er opeens zelf een. Wat moet je dan nog zeggen? Alle joden zijn addergebroed, behalve mijn oma en ik? Ik zei niet ‘joden’, maar ‘roden’? Ik ben eigenlijk een stand-up comedian en mijn humor ligt op straat? Als er een waarheid bestaat die vreemder is dan fictie, is het deze wel. Behalve misschien de onthulling dat paus Benedictus een overtuigd atheïst blijkt te zijn. Die is er nog niet, maar een mens mag blijven hopen.


