Het Gelijk van de Clubjesmens

Als columnist word je geacht het niet al te veel over je zelf te hebben maar gelukkig trek ik mij daar vrij weinig van aan, anders was u verstoken gebleven van dit artikel en dat zou jammer zijn, zeg nou zelf. Tijdens het kijken naar een verkiezingsdebat betrapte ik me erop dat ik me al een tijdje zat af te vragen waarom ik al sinds jaar en dag een ongeneeslijk zwevende kiezer ben. Het antwoord wist ik al, want ik vraag me eigenlijk alleen pro forma iets af: het antwoord heb ik allang paraat, maar ik hecht aan structuur in mijn denken. Je vraagt je eerst iets af en daarná formuleer je het antwoord. Als je namelijk met het antwoord begint, hoef je je niets meer af te vragen en je kunt je afvragen of dat een logische volgorde is. Het antwoord daarop luidt: nee. Ook dat wist ik van tevoren, maar zoals u ziet stel ik mezelf eerst de bij het antwoord behorende vraag. Anders raak ik in de war en ik ben al zo’n ongeleid projectiel.
Het antwoord op de hierboven aan mezelf gestelde vraag luidt: omdat ik weinig met politieke ideologieën heb. Een politieke ideologie is namelijk, net als elke andere ideologie, een met prikkeldraad omheinde binnenplaats. Op de binnenplaats zelf kun je vrij bewegen, maar verder dan de muren en het prikkeldraad kom je niet, of beter gezegd, mag je niet komen. Een politieke ideologie is per definitie een rigide systeem, waarin relatief weinig speelruimte is voor het innemen van een onafhankelijke positie. Als je bijvoorbeeld deel uitmaakt van een fractie, word je geacht de standpunten van de partij altijd en ten volle te onderschrijven. Wie hieraan niet kan voldoen, wordt een dissident genoemd, na enige tijd apart genomen door de fractievoorzitter en vermanend toegesproken. Of de Judas er wel zeker van is zich bij de juiste partij te hebben aangesloten en of hij zijn keuze misschien zou willen heroverwegen. Een beetje dissident begrijpt dan hoe laat het is en stelt zijn zetel ter beschikking of blijft zitten als de fractie Pietersen.
Het is deze beperkte bewegingsvrijheid die een politieke ideologie voor mij onaantrekkelijk maakt. De liberaal zorgt te goed voor zichzelf, de socialist zorgt te goed voor anderen, de milieuactivist zorgt te goed voor de hazelworm, de rechtspopulist zorgt voor opschudding en de confessioneel zou voor de zwakkeren moeten zorgen, maar doet dat zelden. Dan heb je nog allerlei tussenvormen, zoals de confessionele milieuactivist die een gebedje prevelt voor de zwakkere hazelworm, maar dat zijn doorgaans mensen die met zichzelf in de knoop liggen. Mijn stemgedrag kortom, wordt vooral gestuurd door een pragmatische analyse van de situatie van het moment.
Enkele dagen na de debatten vond de door de publieke omroep rechtstreeks uitgezonden verkiezingsavond plaats en gaandeweg werd me nog iets anders duidelijk: ik wist ineens weer waarom ik nooit lid heb willen zijn van een vereniging, en al helemaal niet van een politieke partij. Mensen die allemaal hetzelfde denken leveren een net zo deerniswekkende aanblik op als mensen die allemaal hetzelfde aanhebben. Een bijeenkomst van een politieke club combineert die twee uitingen van uniformiteit. Het wij-gevoel van de aanwezigen wordt zichtbaar gemaakt met buttons, sjaaltjes of mutsjes en op gezette tijden worden leuzen gescandeerd. Daarbij valt op dat de frequentie van die kreten toeneemt naarmate de avond vordert, waardoor een causaal verband met alcoholconsumptie niet valt uit te sluiten. De mutsjes zijn er sowieso al van overtuigd dat alleen zij het bij het juiste eind hebben en dat alle andersdenkenden dwalende stakkers zijn, maar in kennelijke staat worden ze helemaal onuitstaanbaar. Elk woord van de voorman of –vrouw wordt met luid gejuich begroet. Uit verschillende onderzoeken blijkt het daarbij geen jota uit te maken wat de spreker in die euforie zegt. Volledig aan het partijprogramma contraire uitspraken worden met hetzelfde ongebreidelde enthousiasme bejubeld, waardoor toch langzaam het vermoeden begint te rijzen dat mensen die zich tooien met uniforme mutsen als vanzelf veranderen in uniforme sufmutsen. Kortom, ik ben geen clubjesmens. Een clubje heeft Altijd Gelijk en dat lijkt me een misvatting. De enige die hier altijd gelijk heeft, ben ik namelijk zelf.
7 Reacties op “Het Gelijk van de Clubjesmens”
Reacties
Lees de reacties of geef zelf een reactie...



Ha Gard! Wat is er toch met je site gebeurd? Maar als je niet van clubjes en mutsjes houdt, wat vind je dan van dat lid van de raad van 11, die op een regenachtige zondigmiddag in november al met z’n mutsje en blauwe jas naar de kroeg loopt, terwijl de rest van het gewone volk er normaal bij loopt?
Hallo John, mijn blog is wat afgestoft en opgefrist door de blogmaster, tevens mijn broer, maar dat is puur toeval.
Wie je met dat lid van de raad van elf bedoelt, ontgaat me volledig….
groeten G.
Misschien denkt John wel dat jij dat was, die blauwe jas en muts met veren. O ja, mooie afgestofte site, dat kan die goed je broer en tevens webmaster, of was het andersom?
Broermaster
Masterbroer
Viewmaster
Webbroer